Ingrid: “Denk niet: het komt wel goed straks!"

Bijna zestig procent van de fysiotherapeuten is vrouw. Die meerderheid zien we niet terug in het bestuur van ons pensioenfonds. In een reeks artikelen laten we steeds een van onze vrouwelijke leden van het bestuur SPF, DPF, de Verenigingsraad of het Verantwoordingsorgaan aan het woord over onder meer het belang van diversiteit in ons bestuur. Dit keer Ingrid Janssen-Bots, lid van de verenigingsraad van onze deelnemersvereniging DPF.

Fysiotherapeut én manager

Ingrid Janssen-Bots (30) uit Eindhoven werkt als manueel fysiotherapeut bij B-Fysic, een grote landelijke praktijkorganisatie. Ook is ze hoofd frontoffice. Daarnaast zet ze zich in voor de Verenigingsraad van DPF, de deelnemersvereniging van ons pensioenfonds. Haar missie: jonge vrouwelijke collega’s (die vaak parttime werken) bewuster maken van hun financiële toekomst.

Ingrid werkt 36 uur per week bij B-Fysic, een landelijke keten waar zo’n 150 fysiotherapeuten werken. Twintig uur per week is ze actief als fysiotherapeut in de praktijk; daarnaast stuurt ze zestien uur per week als hoofd front office een team van zo’n twintig receptionistes aan. “De front office is de spil van de organisatie: de brug tussen patiënten, therapeuten, ICT en management,” vertelt Ingrid. “Ik ben hun leidinggevende en zorg dat alles daar soepel loopt. Het is leuk om juist in die schakelrol te zitten.”

B-Fysic is een organisatie waar veel vrouwen werken. Die meerderheid zie je ook terug in het managementteam. “Bijna allemaal fysiotherapeuten die zijn doorgegroeid, waarvan 70% vrouw.” Dat vrouwen ook in het bestuur de overhand hebben is voor Ingrid niet meer dan logisch. “Het zou gek zijn in deze tijd als het managementteam bij ons alleen uit mannen zou bestaan.”

“Ik spaar en ik beleg” Ingrid is blij met haar werk. Om haar horizon te verbreden meldde ze zich als lid voor de verenigingsraad van DPF. “Ook de financiële kant van ons werk vind ik interessant. Niet alleen voor mezelf maar ook voor m’n collega’s. Ik spaar en beleg zelf. Dat doe ik omdat ik weet dat we als fysiotherapeuten maar een basispensioen hebben. Ik wil graag dat ook collega’s dat inzien. Dat is voor mij de hoofreden om actief te zijn bij DPF. Vooral jonge (vrouwelijke) collega’s financieel bewuster maken.”

De verschillen die er nog steeds bestaan op financieel gebied tussen mannen en vrouwen vindt ze schrikbarend. “Gemiddeld bouwen vrouwen nog altijd zo’n 40 procent minder pensioen op dan mannen. In onze sector komt dat vooral omdat vrouwen vaker parttime werken. Als er kinderen komen dan nemen ze meer zorgtaken op zich. Hun focus ligt dan op het hier en nu: de kinderen, het draaiend houden van het gezin, misschien op vakantie kunnen. Pensioen voelt dan heel ver weg. Maar juist dan moet je extra goed opletten.”

"Samen afspraken maken"

Daar zouden partners goede afspraken over moeten maken, vindt Ingrid. “Als je samen beslist dat één van de twee minder gaat werken en meer zorgtaken op zich neemt, dan vind ik het ook logisch dat je samen naar de financiële gevolgen kijkt. Niet alleen nu, maar juist ook voor de pensioenopbouw.”

Die zorgtaken kun je volgens haar ook als werk zien. “Als één iemand de zorg levert, dan moet de ander óók meebetalen aan het pensioen. Je weet nooit wat er in je leven gebeurt: er kan een overlijden zijn, een scheiding… Dan wil je niet ineens ontdekken dat je veel te weinig pensioen hebt.”

“Niet te vergelijken” Dat SPF slechts een basispensioen biedt vindt Ingrid jammer maar wel begrijpelijk. De meeste fysiotherapeuten moeten hun pensioen volledig zelf betalen. Bij de meeste mensen die in loondienst werken buiten de sector maar ook in de 2e lijns fysiotherapie, betaalt de werkgever het grootste deel. Dat is een heel ander verhaal; dat kun je niet vergelijken.”

Het slechtste wat je kunt doen volgens Ingrid is lijdzaam toezien. Haar boodschap aan collega’s is glashelder: “Je moet zélf iets extra’s regelen. Hoe eerder je begint, hoe beter. Zet elke maand een bedrag apart of ga beleggen. Een bedrag dat bij je past, al is het maar een klein bedrag per maand. Maar doe in ieder geval íets.”

“Een beetje nieuwsgierig zijn” Sinds 2021 is Ingrid lid van de Verenigingsraad van DPF. “Er waren enkele vacatures; ik heb me toen opgegeven. Eerlijk gezegd had ik toen nauwelijks pensioenkennis. Maar dat hoeft ook niet. Het is allemaal heel laagdrempelig. Een beetje nieuwsgierigheid is al genoeg. Met je gezonde verstand kom je een heel eind. Zeker als je ook een beetje interesse hebt in je eigen financiën. De rest leer je gaandeweg.”

Ingrid ziet de Verenigingsraad vooral als een brug tussen de werkvloer en het bestuur. “We hebben een pensioen van, voor en door fysiotherapeuten,” zegt ze. “Dan is het belangrijk dat het bestuur goed weet wat er speelt in de praktijk. Vanuit de Verenigingsraad brengen wij die signalen in. Zo kun je dan tot een pensioen komen dat goed aansluit bij ons werk.”

"Vier keer per jaar" De tijdsinvestering voor de Verenigingsraad valt volgens Ingrid reuze mee. “We komen ongeveer vier keer per jaar bij elkaar,” vertelt ze. “Eén keer fysiek, en de rest online. Dat is prima te combineren met je werk. Ook hoef je niet een studie te volgen. Als je de website van SPF goed in de gaten houdt ben je al een heel eind. Eigenlijk zou iedereen dat moeten doen.”

Oproep Ingrid roept vooral jonge, vrouwelijke collega’s op om zich ook aan te melden als lid van de Verenigingsraad. “Je komt naast je werk in een heel andere wereld terecht. Die afwisseling is alleen maar fijn.”

Ingrid nodigt voor de volgende uitgave van Fysiopensioen Fiona Hack uit. Zij is ook lid van de verenigingsraad. “Ik ben benieuwd hoe zij kijkt naar de man-vrouwverdeling binnen onze beroepsgroep en wat dat betekent voor een toekomstbestendige pensioenregeling.”